In 1990 heeft de wereldberoemde Johnny Cash (echt waar) in Alphen opgetreden. Ter gelegenheid daarvan werd er in Park Rijnstroom een muzikaal theater opgevoerd. Onderstaad een recensie door Joop Burgerhout.
Johnny Cash kwam ooit in Nederland door toedoen van Nieuwkoper Cor Sanne, impresario van CMS Productions. Tot twee keer werd het optreden afgelast. De tandarts moest een kies trekken, en hij brak de kaak van Johnny Cash. Een onwaarschijnlijk verhaal, maar een doktersverklaring toonde aan dat dit verhaal inderdaad klopte. Op 26 oktober 1990 trad Johnny Cash dan eindelijk op in de Rijnstreekhal. Een uitverkochte zaal werd betoverd door de magische verschijning van deze zanger.
Een mooie vertolking van ‘I Walk the Line’ was de aftrap, opgedragen aan de eerste vrouw van Johnny Cash. Op de lijntjes lopen, aanpassen op straffe van verguizing. Het zijn ook de lessen van zijn moeder. Het zou Johnny Cash niet lukken. Een lied over de gevangenis en in de wind geslagen waarschuwingen van zijn moeder (Folsom Prison Blues) werden gevolgd door ‘All over Again’, vol van spijt over wat een ander is aangedaan, ‘Cocaine Blues’ en de eenzaamheid van ‘the Solitary Man’. Vlak voor de pauze kwam de totale identificatie van Cash met de outcasts van San Quentin (‘I hate every inch of you’), om te eindigen met wie hij is gebleven: een ‘Country Boy’.
Tussendoor werden herinneringen opgehaald van het optreden uit 1990. Filmpjes en foto’s werden vertoond, en interviews met mensen van toen werden beluisterd. Het publiek ging 20 minuten afkoelen en zich voorbereiden op het tweede deel.
Met dit begin van het tweede deel was het duidelijk dat toegewerkt zou worden naar en apotheose, maar hoe zou die eruit zien? De volgorde van de gespeelde nummers maakte het helder: religie en hoe die doorwerkt in het leven… ‘Personal Jesus’ draait om hoop en redding, en de vraag hoe men zelf een steun kan zijn voor anderen. Die pretentie is teveel voor Cash. In ‘God's Gonna Cut You Down’ gaat het om uiterlijke vroomheid, en als een rechtgeaarde evangelical christian gaat het bij Johnny Cash uiteindelijk om ‘the man from Galilee’ die met een zachte stem zegt: ‘John, go do My will’.
Zoals iedereen weet gaat het bij gelovige mensen vaak mis als we kijken naar hun geliefde partners en hoe zij omgaan met elkaar. In ‘Long Legged Guitar Pickin' Man’ wordt de strijd tussen Johnny en zijn vrouw June Carter Cash bezongen. Trouwens subliem vertolkt door Leonie van Dijk en Rene Driessen. De liefde is bij Johnny Cash religieus, zoals ook de trouw die uit ‘If I were a carpenter’ spreekt.
De avond leek te eindigen met een lofzang op de liefde voor June Carter (‘A thing called love’, gevolgd door ‘Ring of Fire’), waarin de intensiteit en de trouw van liefde van het echtpaar Carter voelbaar werden, maar de ware apotheose openbaarde zich in het slotlied: ‘Will the circle be unbroken’. De cirkel is rond: in de hemel is hereniging. Zijn moeder wacht hem op.
Het publiek herkent en zingt luidkeels mee.
Het herkent de emoties, het herkent de strijd, het herkent de liefde.
Het herkent Johnny Cash!
Een verrassend, want niet gepland optreden was van Cor Sanne, inmiddels 79 jaar, maar hij kon zich niet beheersen en vanuit het publiek beklom hij het podium en zong mee met het laatste lied. Dat was een geweldig optreden.
Vader en zoon Driesen, Rene en Sven, presenteerden, waarbij Sven ook nog eens drumde en verantwoordelijk was voor de vertoonde films en research. De liefde spatte ervan af. Hulde aan vader en zoon!