Het Openbaar Ministerie vervolgt wethouder Relus Breeuwsma niet voor de aangifte van aanranding die ruim een jaar geleden tegen hem werd gedaan. Volgens het Openbaar Ministerie is er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.
Uit het onderzoek blijkt dat de verklaringen van betrokkenen en getuigen op belangrijke punten van elkaar verschillen. Daarom ziet het Openbaar Ministerie onvoldoende aanleiding om de zaak aan de rechter voor te leggen. Ook een tweede aangifte over mogelijke beïnvloeding van getuigen leidt niet tot een strafrechtelijk onderzoek.
Hoger beroep
Voormalig wethouder Anouk Noordermeer, die aangifte deed tegen Breeuwsma, legt zich niet neer bij het besluit van het Openbaar Ministerie. Zij vraagt het gerechtshof om te beoordelen of de zaak alsnog aan de strafrechter moet worden voorgelegd.
Het college van burgemeester en wethouders laat weten kennis te hebben genomen van de beslissing van het Openbaar Ministerie en doet verder geen inhoudelijke uitspraken over de zaak.